Bø i Vesterålen, 15 juni 2003

Hè, hè, hier is dan eindelijk, na 2 weken wachten, nieuwsbrief nummer 6. Ik wilde elke dag wel schrijven, maar het lukte niet. Ik kwam vaak erg moe van school terug; veel Noors horen, veel Noors praten en heel geconcentreerd zijn, en alles wat maar nieuw en anders is opzuigen. Daarnaast wil ik zoveel mogelijk meemaken, ik wil niets missen, dus ik heb het eigenlijk ook druk. Wandelen, dingen bezichtigen, mee naar een feest etc. Het werd hem dus niet eerder om jullie een brief te sturen. Maar goed, nu vond ik dan toch eindelijk dat het maar eens moest.

Voordat ik met deze brief verderga wil ik eerst iedereen bedanken die me een e-mail teruggestuurd heeft. Bedankt voor al die lieve en warme reacties. Het doet me erg goed dat jullie zo met me meeleven. Ik voel me dan ook schuldig dat jullie niet eerder weer wat van me gehoord hebben. Helaas lukt het me niet iedereen persoonlijk een mailtje terug te sturen, maar ik ben echt heel blij met jullie reacties! Tusen takk! zoals ze hier zeggen (duizend maal dank!)  

Ik heb net even nog nieuwsbrief 5 gelezen. Daarin had ik het goede voornemen om er elk weekend op uit te trekken, om zoveel mogelijk te zien en nieuwe indrukken op te doen. Dat voornemen hebben we maar even achterwege gelaten. Ik heb ook tijd nodig om een beetje bij te komen (en bij te slapen). Tevens werkt het weer ook wat tegen: het is vandaag maar zo'n 7 graden, zwaar bewolkt en af en toe regent het hard. Net als gisteren. Niet het beste weer dus om er op uit te trekken. Je moet wel redelijk weer hebben wil je wat van de omgeving kunnen zien. Met slecht weer en regen is er niets aan. Zodoende ben ik dit weekend lekker "thuis". Gisteren heb ik niet veel gedaan. De avond (en nacht) ervoor ben ik naar een feest geweest. Het werd nogal laat (of vroeg) en ik had gisteren duidelijk tijd nodig om weer wat bij te komen.

Het feest was een soort afsluitingsfeestje voor het personeel van de school + aanhang. De school heeft ergens in de bossen, in de buurt van de school, een "lavvu" staan. Dit is een tent van de Samen. In de tent is een klein kacheltje om de tent te verwarmen. We hebben echter voornamelijk buiten gezeten. Later hebben we in de tent gezeten omdat het begon te regenen en het erg koud werd. Buiten hebben we gegrild. Iedereen had zijn eigen vlees/vis mee. Verder was er verdeeld wie wat mee zou nemen. Er was dus veel en lekker eten! Qua drinken was het zo dat iedereen zijn eigen drinken (en dan voornamelijk alcoholische dranken) meenam. Wijn, cognac, etc. is hier erg duur. Je kan het niet in de normale supermarkt kopen zoals bij ons, maar je moet daarvoor naar de "Vinmonopolet". Een winkel die op bepaalde tijden open is en alleen maar alcoholische dranken verkoopt. Niet in elke plaats is er een. Hier moet men naar Sortland. Dat is ongeveer een uur rijden vanaf hier. Bier is wel gewoon in de winkel verkrijgbaar. Tja, en laat ik dat nou net niet lusten! Ik had geen zin en tijd om naar Sortland te rijden om wijn te kopen en er een fortuin voor uit te geven terwijl ik er maar 1 glas van zou drinken. Dus dan maar aan de Cola Light. Tevens had ik met een collega (Mariann) afgesproken dat ze mij op zou halen en dat ik haar dan 's avonds weer naar huis zou rijden, dan kon zij wat alcohol nuttigen. OK, ik was dus BOB deze avond.
Van vorige feestjes in Noorwegen kan ik me herinneren dat het er op dit soort feestjes voornamelijk om gaat om zoveel mogelijk te drinken en zo dronken mogelijk te worden. Niet echt leuk vind ik, dus ik zag ook wel een beetje tegen dit feestje op. Maar ik heb me uiteindelijk zalig geamuseerd. Mijn angst voor dronken mensen heb ik wat opzij kunnen schuiven en ik heb me voornamelijk verbaasd over hoe mensen kunnen veranderen als ze alcohol hebben genuttigd. Kari bijvoorbeeld, mijn mentor, is normaal (zonder alcohol bedoel ik) vrij gesloten en stil. Met alcohol achter haar kiezen werd ze ineens een heel ander persoon, minder gereserveerd en veel uitbundiger.

Ik heb eigenlijk veel lol gehad. Op het moment dat de mensen hun ogen bijna niet meer open konden houden en niet meer konden praten werd het tijd om weg te gaan. Toen ik op mijn horloge keek bleek het al 3 uur s nachts te zijn! En dat terwijl het nog helemaal licht was, alsof het dag was. Heel raar, je merkt dan gewoon niet dat het later wordt!

Ik heb Mariann naar huis gereden en ben daarna naar huis gelopen. Zo’n 1,5 kilometer. Ik had van Mariann de auto mee mogen nemen en dan zou ze hem de volgende dag wel weer ophalen, maar het weer was redelijk, dus ik vond het wel lekker om naar huis te lopen. Hartstikke licht, de vogels fluiten, heel ongewoon. Ik heb dus nu echt gezien dat het 's nachts niet meer donker wordt. Meestal ga ik slapen en dan merk je het niet, maar het is dus echt waar dat het hier s nachts net zo licht is als overdag!

Vorige week donderdag, 5 juni, was het heel mooi weer en toen ben ik met Ellen Marie naar Hovden gereden. Dat is een vissersdorpje ongeveer een uur rijden vanaf hier. Het ligt aan de Atlantische Oceaan, en vanaf hier kun je goed de middernachtzon zien. Dat betekent dat je hier bij helder weer kunt zien, dat de zon niet in de zee zakt, maar vlak daarboven gewoon weer opgaat. Nou, dat wilde ik natuurlijk wel eens zien. Om 1 uur ‘s nachts zou de zon op zijn laagste punt zijn (in plaats van om 12 uur in verband met zomertijd). Dus daar zaten we met zijn tweeën; op een berg, in de zon, wachtend tot het 1 uur was. Een gek gevoel. Je wil een mooie zonsondergang, maar dat gebeurt gewoon niet. Op een gegeven moment gaat de zon weer omhoog! Een gek gevoel, maar ook een fantastisch gebeuren. Het gaf mij veel energie en het lukte me dan ook niet om daarna nog te slapen. Ik was klaarwakker, de zon scheen immers! Het licht zo rond middernacht is fantastisch. Hetzelfde licht als je bij een zonsondergang hebt. Ik heb veel foto’s gemaakt, maar ik denk dat ik, als ik ze aan jullie laat zien, er bij moet zeggen dat het om 1 uur ‘s nachts genomen is, anders geloven jullie het niet. Ik vraag me trouwens af of ik achteraf wel vind dat de foto's zo mooi zijn als het in werkelijkheid was. De sfeer die er toen was is bijna niet op een foto vast te leggen. Tevens heb je er de geluiden (meeuwen die krijsen, golven op de rotsen) en de geuren (vis en zee) er niet bij.

Hier in Hovden waren veel rekken met stokvis, gedroogde vis. Het wordt hier gezien als een delicatesse. Ik heb een zakje gedroogde vis gekocht, als snack. Het is niet slecht, je kauwt je alleen het ongans. Het is namelijk vrij taai. Het smaakt nog steeds naar vis en het is een beetje zout. Het zakje had ik in de auto laten liggen. De volgende dag toen ik in de auto stapte, rook de hele auto naar vis. Het zakje ligt nog steeds in de auto, maar zit nu dicht met een knijper!

Wat heb ik de afgelopen twee weken nog meer gedaan? Laat ik proberen bij vorige week te beginnen. 
De hele week ben ik op school actief (nou, ja, actief) geweest. Ik heb voornamelijk achterin de klas gezeten. Veel gekeken en geobserveerd. Ik vind nog steeds dat de kinderen hier erg rustig zijn. Het lijkt ook wel alsof het gedisciplineerder is dan in Nederland. Ook heb ik het idee dat ze gemotiveerder zijn. Ik denk dat wij als leerkrachten in Nederland er veel harder voor moeten werken om leerlingen te motiveren dan hier in Noorwegen. Er zal wel verschil zijn met scholen in de steden, maar ik denk toch dat er verschil is. Ik vond het ook grappig om te zien dat de kinderen die hier in de 5e en 6e klas (groep 7 en 8) zitten lang zo puberaal niet zijn als in Nederland. De kinderen in klas 7 (onze brugklas) zijn al wel wat verder. Hier in Noorwegen beginnen de kinderen pas op hun 6e op school. Ze gaan pas van school na klas 7, dus eigenlijk zitten ze nog op school, de laatste klas, als wij al op het voortgezet onderwijs begonnen zijn. Daarna gaan ze naar een
“ungdomsskole". Tot hun 16e. Daarna kunnen ze nog kiezen voor "videregående" (voortgezet onderwijs).
Dat is dan nog drie jaar. Toen ik ze vertelde over ons schoolsysteem vond men dat we veel te vroeg beginnen. Een paar jaar geleden is de leerplicht in Noorwegen van 6 naar 7 jaar gegaan. Daar was toen veel weerstand tegen (en nog). Tevens vond men hier dat we in Nederland veel te vroeg moeten kiezen welke richting we op willen, dat we al op ons 12e moeten weten wat we later willen worden. Ik denk dat ze wel voor een deel gelijk hebben, al denk ik ook dat het goed is dat je op een gegeven moment (op de middelbare school) op je eigen niveau kan werken.

Als je hier de lerarenopleiding doet, moet je stage lopen op de lagere school (vanaf 6 tot 13/14 jaar) en op de ungdomsskole (van 14 tot 16 jaar). Anders dan bij ons dus. Ik ben wel blij dat ik de PABO doe en niet hier de opleiding doe. Ik heb duidelijk de keuze gemaakt voor het lager onderwijs en niet de middelbare school, terwijl je hier op beide moet kunnen lesgeven. Lijkt me moeilijker.  

De kinderen hier op school hebben 1 x in de week zwemmen. Mijn klas (samen met de 6e en 7e klas) had dat vorige week woensdag. Ze moesten toen kleren meenemen om te voelen hoe het zou zijn als je met kleren in het water zou vallen. Ze vonden het prachtig, zoiets hadden ze nog nooit gedaan. Het bleek dat de kinderen hier geen diplomas hebben. Ze kunnen dat wel doen, maar het is niet verplicht. Ze hoeven dus ook niet af te zwemmen zoals bij ons, en hebben daardoor ook nog nooit met kleren aan gezwommen. Een hele belevenis dus. Ze moesten een aantal baantjes zwemmen en ze moesten proberen hun kleren uit te trekken in het water. Een goede oefening. Daarna moesten ze proberen een pop op te duiken en deze aan land proberen te krijgen. Nuttig. Ik heb twee uur in het water gelegen om te helpen en dingen voor te doen. Ja, twee uur. Twee groepen. Ze mogen hier niet meer dan 15 leerlingen per keer in het bad hebben liggen. Als de ene groep zwemmen heeft, heeft de andere groep gymnastiek. Met de bus naar het zwembad en de gymzaal. Ja, zo ben je een halve dag kwijt.

In de vorige brief schreef ik al over het borduren en breien dat de kinderen hadden. Ze hebben dat zon 5 uur per week en iedereen moet daar aan meedoen. Een aantal kinderen is er erg goed in. Ze hebben een goede fijne motoriek terwijl sommigen dat niet hebben. Vorige week heb ik ook een aantal uur meegedraaid in klas 1 en 2. Het viel me op dat veel kinderen in deze klas nog moeite hebben met knippen, plakken en kleuren. Eigenlijk is dat ook niet raar als je bedenkt dat ze pas op hun 6e naar de lagere school gaan. In Nederland leren kinderen dit soort dingen in groep 1 en 2. Hier gaan kinderen wel naar een soort kleuterschool, maar dat is niet elke dag en er wordt niet heel veel aandacht geschonken aan de grove en fijne motoriek. De kinderen moeten dus in klas 1 en 2 nog best veel inhalen. Het heeft zijn uitwerking in de andere klassen (ze schrijven bijvoorbeeld alleen maar met potlood hier op school, met pen wordt het te slordig). Ik moest wel lachen, want sommigen hebben echt niet door hoe een kruissteek in elkaar zit. Twee maal diagonaal, hoe bedoel je? Ik heb veel geholpen tijdens kunst en handwerk. Blij dat ik toch ooit eens geleerd heb hoe ik moet borduren. Het uitleggen in het Noors is wel wat moeilijker. Vorige week hoorde ik een van de leerlingen zeggen (nadat ik hem geholpen had om de draad weer in de naald te krijgen): “hun er ganske grei, hun Andrea", wat zoveel betekent als : ze is best aardig die Andrea.

Vorige week donderdag heb ik die les over het Jodendom gegeven. Alle voorwerpen die ik thuis heb had ik natuurlijk niet meegenomen, dus ik moest veel tekenen en uitleggen. Het viel me nog vies tegen om een les in het Noors te geven. Veel woorden weet je toch niet, of niet helemaal, dus het wordt wat stotterig. Ik had het idee dat de kinderen er ook wat onrustig van werden en niet helemaal alles meekregen. De volgende dag bleek echter dat dat laatste niet het geval was. Christine kwam s ochtends meteen naar me toe en liet me iets zien: was dit wat je bedoelde met een keppel?" Had ze van haar tante een keppel mogen lenen die die tante in Israel gekocht had. Toen ik de kinderen dit liet zien en vroeg wat het was, wisten de meesten dit haarfijn te vertellen! Leuk om te merken dat het toch niet zo slecht ging als ik gedacht had.

Die vrijdag heb ik voor een groot deel van de dag alleen voor de klas gestaan. Kari (mijn mentor) en Sonia (klasse-assistent) gingen op het meertje bij de school met de kinderen roeien. In groepjes van 2 kinderen per boot. Omdat men hier vlak bij zee woont vindt men het hier op school heel belangrijk dat de kinderen leren hoe ze moeten roeien, maar ook hoe je je gedraagt in een boot, en de regels. Ze doen dit elk jaar. Aangezien ik niet zon goede roeier ben en ook de regels niet ken, heb ik voor de klas gestaan terwijl zij buiten waren. De kinderen (klas 5 en 6) waren zelfstandig aan het werk met zowel biologie als rekenen en Noors. Ik zat dus voornamelijk in de klas om te zorgen dat er gewerkt werd, en om te helpen als dat nodig was. Nou, een ordeprobleem zal ik hier niet hebben! Als er gewerkt wordt, wordt er gewerkt en is het stil, zelfs als ze naast elkaar zitten en met elkaar mogen overleggen. Ik heb niet een keer hoeven zeggen dat het stil moest zijn! Ongelooflijk!

Afgelopen donderdag zat ik bij een les Kristendom. Het ging over de Islam. Het was een klassikale les. De kinderen moesten de dingen die de leerkracht op het bord schreef overschrijven in hun schrift. Ik vond dat het heel stil was, de kinderen hadden de aandacht erbij, want ze moesten schrijven en waren dus bezig. Er kwamen daarna veel vragen over de dingen die op het bord stonden. De leerkracht vond toen dat het te onrustig was. Ik vond absoluut van niet. Er werd aan de kinderen gevraagd waarom het zo onrustig is en wat er aan gedaan kan worden. Het was prachtig om te horen met welke oplossingen de kinderen kwamen. Zij dachten dat het door het reisje kwam dat we woensdag gehad hadden.

We zijn inderdaad vorige week woensdag (11 juni) op een soort schoolreisje geweest. Met de fiets naar een hut in een bos, bij een klein meertje. De kinderen moesten van te voren een briefje inleveren als ze tijdens die tocht geen helm zouden dragen. Ouders tekenen er dan voor dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor als er iets gebeurt. Ik had een fiets en een helm geleend. Ik moest toch het goede voorbeeld geven. Bij het meertje werd een kampvuur aangelegd, en er werden pølse (worstjes) gegrild. Ook marshmallows werden boven het vuur gehangen. Alle kinderen hadden pølser bij zich en een lange tak als spies om boven het vuur te hangen. Het is prachtig om te zien hoe deze kinderen bezig waren. Ook werden er insecten gezocht en in potjes gedaan. Een opa van een van de kinderen kwam langs en die liet ons zien hoe je fluitjes moet maken van wilgentakken. Meteen kwamen de messen uit de rugzakken en gingen de kinderen druk aan de slag om ook zulke fluiten te maken. Zeker nadat er gezegd was dat de eerste die geluid uit zijn fluit zou krijgen een reep chocola kreeg. Ja, dat willen ze allemaal wel. Het is best een ingewikkeld karweitje en je moet wat geduld hebben. Ik had dit ook nog nooit gedaan, dus ik heb ook een poging gewaagd. En de poging was geslaagd. Uiteindelijk slaagde ik er als eerste in om een fluit te maken! Marten was de eerste (en enige) van de kinderen die het voor elkaar kreeg. Ik hoop dat ik het kan onthouden hoe je zon fluit maakt.

Ik vond deze tocht fantastisch; midden in de natuur, eigenlijk 1 met de natuur. Gebruik maken van wat de natuur te bieden heeft. In Nederland zou je er niet over denken om zomaar een grote tak van een boom af te zagen om er fluitjes van te maken! Maar hier doe je dat gewoon, er is zoveel, dus een boom kan best wat missen. Het is echter niet zo dat het zomaar gedaan wordt, er moet wel een doel zijn. Een tak mag niet zomaar van een boom afgehaald worden. De kinderen weten dit en doen dit ook niet.

Ik vond het fantastisch om te zien hoe goed deze kinderen zichzelf bezig kunnen houden. We zijn zon 3,5 uur daar geweest. Ik heb van geen van de kinderen gehoord dat ze zich verveelden of dat ze vroegen wat we nu gingen doen. Volgens mij had je dit in Nederland niet voor elkaar gekregen. Je had op zijn minst -tig spellen moeten bedenken om ze bezig te houden. Als leerkracht heb je het volgens mij hier toch een stukje makkelijker!

Afgelopen vrijdag (13 juni, jawel, vrijdag de 13e) hadden we trouwens weer een "tur" (tocht/reisje). Naar een meertje in de buurt. Eerst hadden de kinderen een les over insecten en planten die ze in en bij meertjes kunnen vinden. Ze werden in groepjes verdeeld en moesten zoveel mogelijk insecten en planten zien te vinden. Met een vergrootglas konden ze de dieren goed zien. De kinderen (ook die uit klas 7, zeg maar de brugklas) waren hier enthousiast mee bezig. En lang. We zijn hier zon 2,5 uur geweest. Echt ongelooflijk, ze vonden het hartstikke interessant en leuk! Daarna op school met zijn allen ons eigen insectenboek gemaakt.

Het verstaan van het dialect gaat steeds beter. Als het snel gaat en ik ben moe heb ik er nog steeds problemen mee. Ook duurde het vrij lang voordat ik de namen van de kinderen wist. Ze hebben hier toch andere namen dan in Nederland en dat maakt het moeilijker. Zo heb je namen als Erlend, Line, Linn, Jorill, Gunn-Ellen, Christine, Lena en Bjørnar. Nu weet ik gelukkig wie wie is en kan ik ze aanspreken.  

Afgelopen week hadden we trouwens een erg korte week. Eerst had je tweede Pinksterdag en de dinsdag erna was ook iedereen vrij. Een soort extra dag om de uren die men extra had gedraaid weer op te nemen. Die dinsdag ben ik wel naar school gegaan en heb ik de rekenmethode bekeken die ze hier gebruiken. Voor mijn afstudeerwerkstuk voor rekenen. Het kwam me goed uit dat we die dag vrij waren, want anders had ik het na schooltijd moeten doen. Aangezien ik dan meestal erg moe ben had ik er minder zin en energie voor gehad dan nu. Veel gedaan dus.

Het Pinksterweekend (de zaterdag) hadden Ellen Marie en ik besloten dat we maar op Hvalsafari (walvissafari) moesten gaan. Vrijdag gebeld en we konden mee. 

s Ochtends voor we weggingen nog gebeld of de tocht wel doorging in verband met het weer; het zag er namelijk nogal donker uit, maar de weersverwachting was gunstig. Geen probleem, in Stø scheen de zon en het waaide niet hard.

Wij in de auto, primatour (pilletjes tegen reisziekte) mee. Na 1,5 uur rijden komen we aan in Stø. Kregen we te horen dat de tocht niet doorging! Er moesten minimaal 15 mensen zijn wilde de tocht doorgaan. Er hadden zich 16 mensen aangemeld, maar er waren er maar 5 op komen dagen!! Ik snap dat niet. Als je je ergens voor aanmeldt, dan bel je toch af als je niet kunt? Of als je denkt dat het weer niet goed genoeg is, dan bel je toch even om te vragen? Echt ongelooflijk! Nou, daar stonden we dan. Wat nu? We hebben met Arctic Adventures afgesproken dat ze ons zullen bellen als er weer meer aanmeldingen zijn, zodat we zeker zijn dat het doorgaat. Ik vond het echt heel jammer dat het niet doorging, ik had me er erg op verheugd. Ik vraag me af of het nog wat wordt voordat ik hier vertrek. Een aantal jaar geleden op IJsland ging het niet door, nu ook niet. Misschien is het gewoon niet weggelegd voor mij om ooit walvissen te zien. Ben benieuwd. Ik heb me er maar bij neergelegd dat het misschien niets wordt.

We zijn niet meteen teruggereden. We zijn eerst nog naar Nyksund gereden. Dat is een plaatsje dat in de buurt van Stø ligt. Het plaatsje is verlaten. De weg erheen is namelijk niet geasfalteerd. Het zou de Noorse staat meer kosten om deze weg te asfalteren, dan iedereen te laten verhuizen hier vandaan. Begin jaren 70 is dit plaatsje verlaten. De huizen staan er nog, maar de meesten zijn vervallen. Een paar jaar geleden kwam er een Duitser naar dit plaatsje en heeft een aantal huizen gekocht. Samen met zowel Noren als Duitsers probeert hij de huizen op te knappen en er een soort toeristendorpje van te maken. Er is een klein winkeltje, er zijn twee restaurants en er is een hotel. Een aantal huizen wordt weer bewoond, maar alleen s zomers. Het was goed om te zien dat het niet helemaal vervalt, maar ik vond het ook raar. Het leek een beetje een spookstad; een aantal mooi gerestaureerde huizen (in allerlei kleuren) en vervallen huizen. Nee, het zou mij niet trekken om daar een zomerhuisje te hebben! Ook de weg erheen vond ik eng smal en volgens mij met regen onbegaanbaar.  

Toen we terugkwamen in Bø zijn Ellen Marie, Rønnaug en ik nog een stuk gaan wandelen. We wandelen nu bijna elke dag. Naar Losjehytta; een hut in de bergen. Het neemt ongeveer een half uur om daar heen te wandelen (en natuurlijk een half uur om weer terug te wandelen). Aangezien de hut in de bergen ligt is het een vrij pittige wandeling. Vrij steil in het begin en aan het eind. De eerste keer dacht ik zon beetje dat ik dood ging! Ik had helemaal geen conditie en ik ben natuurlijk helemaal niet gewend om steile hellingen te overmeesteren! En die Noren die gaan me toch in een razend tempo die berg op! Niet te volgen. En dan gaan ze ook nog eens in een razend tempo de berg weer af!

Nu na een aantal dagen deze tocht gelopen te hebben merk ik dat het al een stuk beter gaat, maar nog steeds lukt het me niet om het tempo van de Noren bij te houden.

Elke keer als je bij de hut komt kun je je naam in een schriftje schrijven en erbij zetten hoeveel keer je de tocht al gelopen hebt. Hopelijk haal ik het om de tocht 10 x te lopen! Het lukt me namelijk niet om elke dag te gaan. Soms is het weer te slecht; het moet wel leuk blijven.

Ik hoop dat ik het ook in Nederland kan volhouden om veel (het liefst iedere dag) te bewegen. Ik heb grootse plannen, maar of het ook gaat lukken?

Ik ben in ieder geval wel een aantal kilo afgevallen. Door het bewegen, maar ook door het andere eten dat ik hier eet. Ellen Marie is vegetariër, maar eet wel vis. Het eten dat ze me voorschotelt is erg lekker en gezond. Ik eet weinig vlees (dat is hier trouwens erg duur), maar veel vis en groenten. Erg lekker. Ellen Marie kookt erg lekker. Ik heb nu ook een aantal keren gekookt, maar dat is niets vergeleken bij hoe zij kookt. Ik durf nu bijna niet meer! Ze zegt dat ze me ziet als een soort proefkonijn om allerlei recepten uit te proberen die ze misschien kan gebruiken voor haar gjestehus (gastenhuis/hotel). Ik vind het geen probleem.

Overal in Noorwegen wordt elektrisch gekookt en niet op gas. Een hele overgang vind ik. Ik vind het ook erg moeilijk. Het duurt lang voordat de plaat warm wordt en als het eenmaal kookt, kun je de plaat niet zomaar afzetten. De reden dat iedereen hier elektrisch kookt is dat het te duur is om overal in Noorwegen gasleidingen aan te leggen. Tevens is de elektriciteit hier in Noorwegen in verhouding met bijvoorbeeld Nederland erg goedkoop. De elektriciteitsleidingen lopen bovengronds zoals ze vroeger bij ons ook deden. Regelmatig ontdek ik dat als ik een foto wil nemen dat het beeld "bevuild" wordt door elektriciteitsdraden die prominent door het beeld lopen. Maar ja, het is wel een deel van het landschap van Noorwegen.

Goed, nou is het inmiddels 23.00 uur s avonds geworden. Ik ben moe en moet gaan slapen. In de volgende nieuwsbrief, die niet zo lang op zich zal laten wachten, zal ik jullie alles vertellen over de "tur" die ik gemaakt heb op tweede Pinksterdag naar de Lofoten en over het etentje dat ik vandaag had met de rektor van de school en zijn vrouw.

Tot dan!!

   

Nieuwsbrief 1 (27-05-2003)

Nieuwsbrief 2 (28-05-2003)

Nieuwsbrief 3 (30-05-2003)

Nieuwsbrief 4 (01-06-2003)

Nieuwsbrief 5 (02-06-2003)

Nieuwsbrief 6 (15-06-2003)

Nieuwsbrief 7 (17-06-2003)

Nieuwsbrief 8 (18-06-2003)

Nieuwsbrief 9 (22-06-2003)

Nieuwsbrief 10 (24-06-2003)

Nieuwsbrief 11 (27-06-2003)

Nieuwsbrief 12 (03-07-2003)

Nieuwsbrief 13 (07-07-2003)